De modewereld over Viviane Sassen / Part five


Nanda van den Berg
: Hoe heb je Viviane leren kennen?

Emmeline de Mooij: Via mijn ex, die werkte met Hugo [Timmermans, de man van Viviane]. Het was in 2001, het laatste jaar dat ik op de Rietveld academie zat. We raakten bevriend en zijn eigenlijk al vrij snel dingen samen gaan maken. We hebben werk gemaakt als onderdeel van mijn afstuderen.

Nvdb: Wat voor richting deed je op de Rietveld?


EdM
: Ik deed mode. De kleding die ik had gemaakt voor mijn afstuderen hebben we gefotografeerd in het pand waar ik toen woonde. Dat was een pastorie waar kerkelijke instellingen in zaten en een centrum voor Spaanstalige immigranten en er waren hele gekke ruimtes met dingen die mensen hadden meegenomen. Er hing een heel bijzondere sfeer, met allerlei Zuid-Amerikaanse spulletjes aan de muur, het was er een beetje een rommeltje.

We maakten er foto’s van meisjes die zich als het ware verstopten in meubels of boekenkasten, of half achter de vitrage of tussen planten op de vensterbank of onder dekens op de bank. Met verhulde gezichten. Voor mijn afstuderen had ik een installatie gemaakt waar die foto’s te zien waren


NvdB
: En toen zijn jullie meer series gaan maken.

EdM: Toen zijn we vrij snel daarna een serie voor Purple gaan maken, in La Palma. En iets voor Dazed & Confused.

NvdB: Hoe gingen jullie te werk, want het lijken een beetje ‘performance’-achtige series?

EdM: We bedachten wel wat dingen van tevoren en maakten schetsen, maar het was niet zo dat we die heel rigide gingen uitvoeren. Het ging erg over vorm. Er zaten hele simpele ideeën achter, die in een context heel vervreemdend konden werken. Als props gebruikten we huis- tuin en keukenspullen die we ter plekke uit de keukenkastjes trokken. Soms kochten we wat bloemen. We gingen heel intuïtief te werk en het was niet duidelijk wie welke taak precies had. Het ging altijd heel organisch. Er was een soort klik, er ontstond iets in gezamenlijkheid, iets dat je niet alleen kunt doen,  het was echt magisch. Het was altijd superleuk, we konden er heel erg in opgaan en waren er heel enthousiast over.

NvdB: Waren die schetsen ergens door geïnspireerd?

EdM: Soms raakten we door iets geïnspireerd, bijvoorbeeld door een boek over alchemie dat we ergens gevonden hadden. Maar ik denk dat het merendeel gewoon in ons hoofd ontstond.

NvdB: Waarom noemen jullie het mode?

EdM: Het meeste ervan was in opdracht gemaakt. Voor een tijdschrift, met kleding van ontwerpers. Zo’n serie ging dan ook echt over kleding en het lichaam. Maar we hebben ook een serie gemaakt die we  ‘bosnimfen’ noemden. Die beelden zijn misschien minder duidelijk mode. Eigenlijk was het vrij werk. Maar er was altijd een onderzoek naar kleding. Hoe je kleding in relatie tot het lichaam kunt gebruiken, dat speelde altijd een belangrijke rol.

En we keken ook naar objecten in directe relatie tot het menselijk lichaam en de omgeving. We gingen letterlijk verbindingen maken tussen het lichaam en meubels of kleding, zodat het een organisch geheel werd. Door erin weg te duiken of het object aan iemand vast te binden als een soort van extensies van het lichaam.

NvdB: Naakt komt veel voor in deze fotoseries. Hoe speelt dat naakt dan een rol?

EdM: Dat heeft vaak met een soort bevrijding te maken. Het loskomen van al die ballast, of misschien van culturele codes. Het kan natuurlijk ook heel beklemmend zijn al die spullen die we soms obsessief om ons heen verzamelen. Ja, het was een soort bevrijding, denk ik. Daar hing het mee samen.


NvdB
: Van wie was het idee om naakt te gaan?

EdM: Dat is heel natuurlijk ontstaan. Dat was zeker iets van ons allebei.

NvdB: Zie jij nog een verband tussen het werk dat Viviane nu maakt en het werk van toen?

EdM: Jawel, vooral dat sculpturale. Dat is iets wat we toen ook deden. En die verbinding van het lichaam met objecten. Zodat het een soort amorf geheel wordt. Waaraan alles verbonden is.

NvdB: Dat is inderdaad een belangrijk aspect. Waar kwam dat vandaan?

EdM: Dat is intuïtief, het is niet bedacht. Er zitten geen duidelijke theorieën of concepten achter, het is heel gevoelsmatig. Heel organisch eigenlijk. Maar het heeft eigenlijk ook iets heel kinderlijks. Je bent aan het spelen met materialen. We waren ook niet bezig met heersende modetrends of opvattingen over hoe iets getoond moest worden.

NvdB: Jullie waren vanaf het begin ook gericht op het buitenland.

EdM: Daar hebben we denk ik wel het meeste voor gedaan, eigenlijk niet voor Nederlandse tijdschriften. Wel een keer voor Re-magazine van Jop van Bennekom. Dat was natuurlijk wel Nederlands maar heel internationaal gericht eigenlijk.

NvdB: waarom niet de Nederlandse tijdschriften?

EdM: Die waren toch minder experimenteel. Het waren vooral Purple en Dazed & Confused. Maar ook daar kregen de adverteerders meer macht, en moest je  steeds meer van hun kleding in de serie stoppen. Dat vond ik ook heel jammer. Daarom was het ook zoveel werk om voor te bereiden. Alleen al om de juiste kledingstukken te regelen. Je kreeg er ook niet voor betaald, je moest er zelf in investeren. Zo werd het minder vrij, omdat je met zoveel factoren rekening moest houden om de adverteerders tevreden te houden.

NvdB: Was Viviane altijd degene die fotografeerde?

EdM: Ja, ik fotografeerde in die tijd eigenlijk nauwelijks – nu wat meer − en zij alleen maar. Dus die taakverdeling was gewoon logisch. En ik bouwde het beeld op. Letterlijk. Doordat ik dingen in elkaar aan het zetten was. Dan keken we samen naar de compositie. Als we een contactsheet maakten gingen we er samen beelden uit selecteren. Maar zij hanteerde de camera.

NvdB: Wat is haar gave, hoe zou je die omschrijven? Hoe komt het dat mensen haar volledig vertrouwen?

EdM
: Er is bij Viviane gewoon geen verwachting van hoe een lichaam moet zijn. Er is niets geforceerds aan. Er is bewondering voor allerlei vormen die het menselijk lichaam kan hebben, ook in zijn imperfectie. Een soort fascinatie, die wel heel respectvol is. Misschien gaat het over vorm, over sculptuur, soms is het ook heel erg erotisch maar het is niet alleen maar heel plat, seksueel ofzo. Ik denk dat het ook wel uitmaakt dat ze een vrouw is. En niet een mannelijke fotograaf die vrouwen fotografeert. Dat zorgt misschien ook voor een soort vertrouwen.


NvdB
: Jij bent een van de modellen op de roze KUTT serie. Vertel eens meer over het ontstaan ervan.

EdM: Het idee stond eigenlijk al vast, doordat de serie gebaseerd was op de Miu Miu campagne [die Viviane in 2001 geschoten had]  maar verder was het ook wel weer vrij – de plek, en ik had er allerlei kleding voor meegenomen.

NvdB: Waar is het gefotografeerd?

EdM: Bij Martien Mulder thuis in Amsterdam. Het ging heel erg over twee lichamen die zo in elkaar verstrengeld zijn, of in elkaar overgaan, dat je echt niet meer goed kunt definiëren hoe het geheel in elkaar zit. Dat er extra ledematen uit een lichaam lijken te groeien. Heel mysterieus ook wel, doordat je de gezichten niet altijd ziet.

NvdB: Wie was het andere model?

EdM: Marlous Borm. Het was het plan van Viviane  om die Miu Miu serie opnieuw te doen, maar dan naakt. Het waren ook min of meer dezelfde poses. En ik dacht dat het in opdracht voor KUTT was, maar ik ben er niet helemaal zeker van.

NvdB: Waarom denk je dat deze serie zo iconisch geworden is?

EdM: Misschien omdat al die aspecten erin zitten. Het verhullen.  Dat je tegen iemands rug aankijkt  … je ziet armen iets doen maar je weet niet wat, want de handen zijn niet meer zichtbaar, maar er gebeurt iets. Dus er zit suspense in. En dan dus dat sculpturale van die lichamen die in elkaar overgaan met extra ledematen.


NvdB
: Was dit zuiver Vivianes werk of hoort het nog bij jullie samenwerking?

EdM: Misschien was dit meer haar werk omdat zij die Miu Miu serie al gemaakt had en een idee had over de poses die ze wilde gebruiken. Ze had al iets vastgelegd van te voren.

NvdB: Als jij er nu in het geheel naar kijkt, vind je dit dan ook een belangrijk moment in de carrière van Viviane? Dat er een bepaalde richting ontstond waarin zij is doorgegaan. Die ze steeds meer heeft ontwikkeld?

EdM: Ik zou daar even voor moeten gaan zitten. Maar zeker is dat we ons niet zoveel aantrokken van wat er precies om ons heen gebeurde. Wel als inspiratie, maar we waren niet bang om er helemaal buiten te vallen. Het was zo intuïtief hoe we werkten. Bijna in een droomwereld. Met opborrelingen. Het was echt heel vrij. En dat is iets waar Viviane heel trouw aan is. Dat hele intuïtieve, waardoor ze echt met veel plezier werkt. Niet geforceerd.  Er is bij haar een soort plezier en eerlijkheid en bewondering die los staat van allerlei codes en conventies. En dat is ook doordat ze er zo ontspannen mee omgaat. Niet in de stress raakt. Ze gaat wel mee, maar ze blijft experimenteren waardoor er wel iets van haar inkomt. En dat is door die hele ontspannen manier van werken.

< terug